Nieuwe blog over prestatiedrang

Voor improblog.nl – een collectieve blog over improvisatietheater en alles wat daarbij komt kijken – schreef ik een stuk over prestatiedrang. Over het gevoel dat het allemaal beter kan – nee, beter moet – en hoe dat in de weg kan zitten. Een mooi voorbeeld van een thema dat ook buiten de wereld van het theater speelt en relevant is op de werkvloer. Klik hier om de blog te lezen.

Training: Beter presenteren met theater-technieken

Een pakkende pitch, een zakelijke update of een motiverende toespraak: spreken in het openbaar is een vaardigheid die veel professionals regelmatig nodig hebben. Het is ook iets waar veel mensen tegenop kijken. Speciaal daarvoor ontwikkelde ik de training Beter presenteren met theater-technieken. Daarin deel ik tips uit mijn jarenlange ervaring met presenteren en acteren en zet ik de deelnemers actief aan het werk. Ik heb de training aan managers bij een aantal grote bedrijven gegeven en de reacties zijn overweldigend positief. Meer over de presentatietraining in onderstaand document:

Improviseren over de grens

Afgelopen week was ik in Lyon op het internationale improvisatie-festival dat daar werd georganiseerd. Mooie stad, goed gezelschap en interessante workshop maar het hoogtepunt was toch wel zelf optreden met Werewolves The Improv Show. Jaren geleden ontwierp ik dat format voor een eenmalige show met de Nederlandse groep Placebo. In de loop der jaren heb ik bij theater-gezelschappen door heel Nederland en België workshops gegeven. Nu maken we met een geweldige cast de internationale podia onveilig en daar ben ik stiekem toch wel een beetje heel erg trots op.

De dagvoorzitter en het mysterie van de ontbrekende spreker

Het was bijna half tien. Ik stond als dagvoorzitter op het podium in de Fokker Terminal in Den Haag tijdens een congres van VPM en keek zoals afgesproken naar iemand van de organisatie om te checken of de eerste spreker er al was. Die moest namelijk over ongeveer een minuut beginnen en tot dusverre was zijn status nog één groot vraagteken. Nog niet aanwezig in het pand en telefonisch onbereikbaar voor zowel ons als het sprekersbureau via wie hij geboekt was.

De ontbrekende spreker

Nou heb ik van mijn ruimte podium-ervaring geleerd om van een probleem achter de schermen niet het probleem van het publiek te maken. Ik zei er dan ook niks over toen ik het congres opende en adviseerde de voorzitter van de vereniging dat ook niet te doen in haar openingswoord. We lossen het wel op, was mijn overtuiging. Zo vroegen we de spreker die als tweede op het programma stond of ze eventueel eerder zou kunnen beginnen. Tuurlijk, antwoordde Hélène Oosterhuis professioneel. Dan hadden we nog wat meer tijd om op de ontbrekende spreker te wachten. Ze bood zelfs aan haar lezing wat uit te breiden. ‘Mooi’, zei ik. ‘Ik kan ook wel wat extra doen door wat te vertellen over de uitgangspunten van het improviseren en wat actieve oefeningen met de zaal.’ De stress in de ogen van het organiserende bestuur – dat zo lang en intensief aan het congres had gewerkt – werd gelukkig al wat minder.

De improviserende dagvoorzitter

Lang verhaal kort: ik zag vanaf het podium een duim omhoog. De spreker was gearriveerd. Ongeveer een minuut voor hij op moest. Ik kondigde hem aan. Applaus. Lezing begint. Maar rustig achterover leunen zat er nog niet in. Het verhaal van de spreker was tamelijk ongestructureerd. Op een eerste interruptie vanuit de zaal zei hij dat hij daar wel van hield: vragen en opmerkingen tijdens zijn verhaal. Nou, dat laat een kritische zaal zich geen twee keer zeggen. En dus ging ik de zaal door met mijn handmicrofoon om alle bijdrages te versterken, zodat iedereen in de zaal alles kon verstaan. Gepland? Nee. Gewenst? Ja. ‘Het leek wel of je gedachten kon lezen want net toen ik dacht dat er een microfoon heen moest stond je er al’, zei een bestuurslid in de pauze. Kijk, dat soort complimenten hoor ik graag. Als dagvoorzitter moet je kunnen improviseren.

Voorbereiding van het congres

Dat betekent trouwens niet dat een goede voorbereiding zinloos is. Al maanden voor het congres had ik contact met de organisatie en dacht ik mee over de invulling van de dag. Hoe moet het draaiboek eruit zien? Hoe zorgen we ervoor dat mensen met elkaar in contact komen? Hoe kunnen we de inhoud van de workshops delen met degenen die er niet zelf bij waren?

Als een trein

Na het gedoe met de eerste spreker liep de dag als een trein. Juist dankzij die goede voorbereiding. Maar omdat het zelden voorkomt dat alles volgens draaiboek loopt, kan ik van toegevoegde waarde zijn als improviserende dagvoorzitter.

Improvisatie-workshop in de zon

Gisteren was ik op uitnodiging van Theatersportgroep sPierKracht uit Hoofddorp in Zwaanshoek om mijn workshop De Onderstroom: Diepgang in Improvisatie te geven. De locatie was een mooie boerderij, met op zolder voldoende ruimte om aan de slag te gaan. Maar het was zulk mooi weer dat we al snel besloten de training op het terras achter de boerderij te houden. Een goede keuze, bleek al snel, want het was een zeer geslaagde middag. Dat is het mooie van improvisatie: je bent flexibel en kunt altijd inspelen op de omstandigheden.

Improviseren in het ziekenhuis

Het voelde toch een beetje alsof ik stiekem naar binnen was geslopen. Gisteren liep ik buiten de reguliere openingstijden en bezoekuren door de lange gangen van het ziekenhuis in Alkmaar. Niet om een behandeling te ondergaan of iemand te bezoeken, maar om de kinderartsen een workshop improvisatie-theater te geven. Ik moet eerlijk zeggen: ik was erg benieuwd naar hoe dat zou uitpakken. Een belangrijk uitgangspunt van improviseren waar ik ze kennis mee wilde laten maken, is om fouten te durven maken. Maar als er één beroepsgroep is die normaal gesproken geen fouten moet maken, dan zijn het wel artsen. Kan ik deze academici met zo’n belangrijk en serieus beroep ‘ja’ laten zeggen tegen het onbekende?

Feedback geven

Natuurlijk ging ik de artsen niet zeggen hoe ze een diagnose moeten stellen of een behandeltraject uitstippelen. Toch was de workshop niet alleen voor de lol, het team wilde elkaar ook meer feedback geven. En daarvoor zijn wat improvisatie-vaardigheden uit mijn workshop wel van toepassing: contact maken met elkaar, positief reageren, naar de ander luisteren en je eigen idee loslaten.

Uit de dip

Al snel bleek dat mijn voorbehoud volledig onterecht was: het bleek een groep met een open houding dat na een paar oefeningen steeds enthousiaster meedeed. De mooiste reactie kwam meteen na afloop toen één van de deelnemers zei: “Zo, ik ben meteen van mijn after-dienst-dip af!” Ik hoorde het en wist dat ook in een omgeving als een ziekenhuis improvisatie een functie heeft. Dat is het leuke aan mijn vak: op onverwachte plekken komen en daar wat theater, verbinding, plezier, creativiteit en energie brengen.

Congres, theater & wandverslag

Creativiteit, humor, energie en een frisse blik op de materie. Daar is vaak ontzettend veel behoefte aan op congressen, personeelsdagen en andere bedrijfsbijeenkomsten. Deze week was ik met theatergroep The Big Mo te gast bij zorgbedrijf Arjo om precies die ingrediënten toe te voegen. En we waren niet de enigen. De tekenaars van Creatief Verslag maakten achterin de zaal een wandverslag. Wat wij deden met interactief theater, deden zij met cartoons. Ontzettend leuk om te zien. Helemaal natuurlijk omdat ik daardoor zelf ook de eer had op als stripfiguur op te duiken.

Theatersport & jury

Dit weekend was ik op het Nederlands Theatersport Toernooi, zeg maar het NK improvisatietheater. Vier jaar geleden won ik het toernooi met de formatie De Vereeniging, dit jaar zat ik in de jury. Dat betekende niet alleen beoordelen – alle geïmproviseerde scènes krijgen punten voor inhoud, techniek en amusement – maar vooral ook heel veel coachen.

De opzet van het toernooi is heel duidelijk dat iedereen samen verantwoordelijk is voor mooie shows: de acteurs, de presentator, de muzikant, de lichttechnicus en dus ook de jury. Uiteindelijk zijn het de spelers die het moeten doen, maar als jury wil je ze helpen het maximale uit zichzelf te halen en daar deed ik met mijn collega-juryleden Roos Slingerland en Matthijs Kop dan ook mijn best voor. Dat werd gewaardeerd, want we kregen de halve finale in de grote theaterzaal van Het Huis Utrecht toegewezen.

Wat zou het mooi zijn als dit principe vaker wordt toegepast: degene die beoordeelt is medeverantwoordelijk en helpt beide teams. Een scheidsrechter die bij het voetballen af en toe een tactische tip bij de rechtsachter influistert. Of staat te juichen bij iedere mooie actie en alle doelpunten. Of penalties uitdeelt als het te saai voor het publiek wordt. Helemaal mooi zou Voor fanatieke supporters zou het niks zijn, maar de neutrale toeschouwer ervan kunnen genieten. En dat is wat theatersport zo mooi maakt: ja, het is de bedoeling dat het beste team met de beker en de titel naar huis gaat. Maar het is nog belangrijker dat het publiek ervan geniet. En dat is zeer zeker gelukt!

Foto: SuperFormosa

Kennismaken met theatersport in Hoofddorp

Woon je in (de buurt van) Hoofddorp en wil je wel eens kennismaken met improvisatie en theatersport? Of ken je zo iemand? Dan is dit wat voor jou: woensdag 25 april geef ik een introductieworkshop. Leuk, leerzaam, laagdrempelig en zonder verdere verplichtingen. De workshop kan bij voldoende animo leiden tot een complete cursus, maar dat zien we dan wel weer. Meer weten of inschrijven? Klik dan hier

Over The Beatles en creatieve communicatie

Begin dit jaar werd ik gevraagd mee te doen aan een onderzoek(je) naar creative communicatie. Ik deelde mijn mening en ervaring via een paar pittige vragen. De lastigste was misschien wel wat ik de beste communicatie-uiting aller tijden vond. Na het nodige wikken en wegen vulde ik in: de hoes van het Beatles-album Sgt. Pepper’s Lonely Hearts Club Band, in combinatie met de hoes van de opvolger: the white album. Gisteravond zat ik in theater Carré en kwam ik tot de conclusie dat ik ernaast zat: het is alleen the white album.

De hoes van het album Sgt. Pepper is vol. Heel vol. Met letters, kleuren en 65 beroemde mensen. Het is nog altijd één van de beroemdste hoezen aller tijden. Maar meer van hetzelfde was niks voor de band en dus kozen ze voor de volgende plaat een ontwerp van kunstenaar Richard Hamilton dat precies het tegenovergestelde was: een wit vlak met in witte letter The Beatles (de officiële naam van het album) en een simpel serienummer. Een perfecte combinatie waardoor de Beatles de rest van de wereld voor de zoveelste keer een stap voor waren. Een even simpele als briljante zet vind ik en dus schreef ik dat op als beste communicatie-uiting. Maar zoals gezegd: ik heb me inmiddels bedacht.

Uniek

Momenteel toert de Beatles-reconstructieband The Analogues met een show waarin ze het hele witte dubbelalbum naspelen. Op de achtergrond is aan het begin van de show een aantal lege witte vlakken te zien. Maar komen daarvoor afbeeldingen van de platenhoes in de plaats. Is dat dan niet hetzelfde? Nee. De band heeft 128 originele hoezen ingescand en verwerkt. En die zijn niet meer leeg. Er zit plakband op, of koffievlekken. Op sommige exemplaren is getekend of geschreven. En in bijna alle gevallen zie je de vorm van de plaat er doorheen schijnen. Het ontwerp leeft en is na 50 jaar niet meer wit en leeg. Elke hoes is inmiddels uniek. Op de foto hierboven zie je mijn eigen exemplaar, dat ik voor een paar euro van Marktplaats plukte. Het leeft.

Lessen

Daarom bij deze een correctie: de witte albumhoes is de beste creatieve communicatie-uiting aller tijden. En de lessen die we kunnen leren zijn:

  • Durf te breken met het oude en nieuwe paden in te slaan
  • Laat je creaties hun eigen leven leiden
  • Perfectie betekent niet dat er niks meer bij kan, maar dat er niks meer weg kan.

PS voor de ware liefhebber schreef ik voor improblog.nl al eens een stuk met 10 lessen van The Beatles die toepasbaar zijn op improvisatie-theater: http://www.improblog.nl/improblog/10-improvisatie-lessen-the-beatles/